Ontwikkeling 0 tot 2 maanden
Motorische ontwikkeling
In de eerste levensmaanden bestaan veel van de bewegingen die de baby maakt uit reflexen. Langzaamaan maken de reflexen plaats voor gecontroleerde bewegingen. Aan het eind van deze periode kan de baby zelf zijn hoofd een paar seconden omhoog houden. Als hij op zijn buik ligt, dan komen zijn hoofd en borst los van de grond. Bij het dragen van de baby zal hij proberen zelf zijn hoofd rechtop te houden. De baby draait zijn hoofd van links naar rechts om rond te kijken. Hij krijgt steeds meer controle over zijn benen en zijn armen en als hij op zijn rug ligt, probeert hij op zijn zij te draaien. De baby probeert te grijpen naar voorwerpen en kan een klein voorwerp even vasthouden. Alle voorwerpen die hij te pakken krijgt, worden naar zijn gezicht gebracht om ze goed te bekijken.
Zintuiglijke ontwikkeling
Bij de geboorte kan een baby scherp zien op een afstand van 20-25 cm. Voorwerpen of mensen die verder weg zijn of dichterbij zijn wazig. Oogcontact is voor een baby erg belangrijk, omdat hij nog nauwelijks controle heeft over zijn lichaam. Via de ogen komt veel informatie binnen. Na ongeveer zes weken kan de baby steeds iets verder kijken. De baby heeft een voorkeur voor ronde vormen, duidelijk contrast en duidelijke lijnen. Felgekleurde speeltjes zijn erg aantrekkelijk voor een baby. De baby heeft voorkeur voor de kleuren rood, blauw, geel en groen. De voorkeur voor kleuren ontwikkelt zich ook in die volgorde. Een baby kan in drie dimensies zien. Hij kan verschillende voorwerpen van elkaar onderscheiden en hij kan een beetje diepte zien. Hij heeft een duidelijke voorkeur voor bewegende objecten boven stilstaande. De baby knippert met zijn ogen als er iets snel op hem afkomt. Hij kan gericht ergens naar kijken, maar is wel snel afgeleid. Aan het eind van deze periode kan hij voorwerpen volgen die vlak voor zijn gezicht een klein beetje heen en weer gaan. Zijn handen komen steeds vaker in zijn gezichtsveld en worden interessanter. Als er geluid is, zal de baby met zijn ogen in de richting van het geluid draaien. Een baby hoort bijna even scherp als een volwassene. De menselijke stem, vooral de vrouwenstem, heeft de voorkeur. Al snel herkent de baby de stem van zijn ouders en luistert er naar. De baby hoort verschil in toonhoogte, volume, variatie en snelheid. Hij reageert op plotseling lawaai. Een baby wordt meestal rustig van monotone, lage, ritmische geluiden. Hij luistert graag naar muziek. De baby huid is gevoelig. Een baby wordt meestal rustig als je hem aanraakt en vasthoudt. Het maseren van de baby is een goede manier van aanraking. Aanraken zorgt voor warmte, nabijheid, troost en lichamelijk contact, dit is erg belangrijk om te zorgen dat een baby zich veilig en geborgen voelt. Als een baby zich veilig en geborgen voelt, zal hij zich beter kunnen ontwikkelen. Al heel snel na de geboorte herkent de baby de geur van de ouders. Op die manier weet hij wanneer hij op een veilige plek is, bij papa of mama. Hij maakt onderscheid in smaken. Hij heeft een voorkeur voor zoet en een afkeer voor zuur en bitter.
Taalontwikkeling
Al vanaf de eerste week van zijn leven, heeft een baby interesse in de gesproken taal. Hij heeft aandacht voor je als je tegen hem praat en op zeer subtiele wijze maakt hij duidelijk wat er is of wat hij wil. Een baby heeft verschillende huiltjes die hij in verschillende situaties gebruikt. Verder kan hij door middel van arm- en beenbewegingen duidelijk maken dat hij opgewonden is. Ook met de mond en de ogen maakt hij zijn stemming duidelijk en laat hij zien of hij iets wel of niet leuk vindt. Als je tegen hem praat, reageert de baby door middel van kleine bewegingen, zoals knikken, het optrekken van de wenkbrauwen en glimlachen. Met ongeveer zes weken komt de eerste glimlach. Aan het einde van deze periode maakt de baby een aantal klanken, maar die hebben nog geen betekenis.
Cognitieve ontwikkeling
Het denken en redeneren van een baby is nog erg primitief. Wat weg is, is weg. Een baby kan iets nog maar enkele seconden onthouden als het verdwenen is.
Geestelijk-sociale ontwikkeling
Een baby is al vanaf de geboorte sociaal ingesteld. Hij geniet van het gezelschap van zijn ouders en wil graag dichtbij ze zijn. Een baby houdt ervan als er met hem geknuffeld wordt en als je tegen hem lacht, zingt en praat. Het geeft hem een gevoel van veiligheid. Een baby maakt veel oogcontact om zoveel mogelijk aandacht te krijgen. Als een baby glimlacht heeft hij snel door dat zijn ouders dat leuk vinden en daar positief op reageren door hem veel aandacht te geven. Aan het eind van deze periode lacht een baby dan meestal ook al. De baby kan door middel van huilen duidelijk maken dat hij zich niet prettig voelt.